Lichaamsdeel: Elleboogklachten
Een golfelleboog, medisch aangeduid als epicondylitis medialis, is een overbelastingsaandoening aan de binnenzijde van de elleboog. De klachten ontstaan ter hoogte van de mediale epicondyl: het benige uitsteeksel aan de binnenkant van de elleboog waar meerdere buigspieren van de onderarm aanhechten. Door herhaalde of langdurige belasting ontstaan kleine beschadigingen in de peesaanhechting, wat leidt tot pijn en irritatie.
Ondanks de naam komt een golfelleboog niet alleen voor bij golfers. De aandoening wordt regelmatig gezien bij mensen die veel herhaalde knijp-, draai- of buigbewegingen maken met de hand en pols. Denk aan handwerk, computergebruik, tuinieren of bepaalde beroepen waarbij kracht en herhaling samenkomen. De aandoening ontwikkelt zich meestal geleidelijk en kan zonder behandeling langdurig klachten blijven geven.
De pijn zit typisch aan de binnenzijde van de elleboog en kan uitstralen naar de onderarm of pols. In het begin zijn de klachten vaak mild, maar bij aanhoudende belasting kunnen ze duidelijk toenemen. Veel mensen merken dat dagelijkse handelingen steeds lastiger worden.
Veelvoorkomende klachten bij een golfelleboog zijn:
Een golfelleboog ontstaat vrijwel altijd door overbelasting van de buigspieren van de onderarm. Deze spieren worden intensief gebruikt bij bewegingen waarbij de pols wordt gebogen of de hand kracht moet zetten. Wanneer deze belasting te vaak, te lang of met onvoldoende herstel plaatsvindt, kan de peesaanhechting geïrriteerd raken.
Factoren die het risico op een golfelleboog vergroten zijn onder andere herhaalde eenzijdige bewegingen, een verkeerde werkhouding, onvoldoende spierkracht of techniek, en plotselinge toename van belasting. Ook stress op de spieren door trillingen of langdurig vasthouden van gereedschap kan een rol spelen. De aandoening komt vaker voor bij mensen tussen de 35 en 55 jaar, maar kan op elke leeftijd ontstaan.
De behandeling van een golfelleboog is in eerste instantie gericht op het verminderen van belasting en het bevorderen van herstel. Rust en het aanpassen van belastende activiteiten zijn hierbij essentieel. Vaak wordt daarnaast fysiotherapie ingezet om de spierbalans te verbeteren, de doorbloeding te stimuleren en de belastbaarheid geleidelijk op te bouwen.
In sommige gevallen kan aanvullende behandeling nodig zijn, zoals oefentherapie, advies over werk- of sporttechniek of tijdelijke ondersteuning met een brace. Operatieve ingrepen zijn zelden nodig en worden alleen overwogen wanneer langdurige conservatieve behandeling onvoldoende effect heeft.
Een elleboogbrace of onderarmband kan bij een golfelleboog helpen om de pijn te verminderen en verdere overbelasting te voorkomen. Deze hulpmiddelen verlagen de trekkracht op de peesaanhechting door de spanning in de onderarmspieren te verdelen. Hierdoor krijgt het aangedane gebied meer rust tijdens dagelijkse activiteiten.